Presentatietips

Kernboodschap, uitleg, kernboodschap

Hoe bouw ik een presentatie op?


Hoe begin je? Dat is één, de eerste klap is immers een daalder waard.
Hoe ga je vervolgens verder?
Hoe bouw ik mijn presentatie op?

Begin positief, bijvoorbeeld met het woordje ‘ja’, gevolgd door een anekdote, een concreet voorbeeld, iets wat je recent hebt meegemaakt. Vertel zo beeldend mogelijk. Neem ons (en jezelf) mee naar de plek waar het verhaal zich afspeelt. Wat gebeurde er?

Kom daarna met je kernboodschap. Dat is wat we moeten onthouden.
Ga je kernboodschap vervolgens uitleggen. Waarom zeg je dit?
Stappen hierbij zijn: verleden, heden, toekomst of probleem, analyse, oplossing.

Een goed verhaal bevat pathos, ethos en logos.

  • Pathos van empathie, medeleven, begrip, emotie, gevoel.
  • Ethos van ethiek. Wat draagt je verhaal bij?
  • Logos. Je verhaal moet ook logisch zijn, inhoudelijk moet het kloppen.

Trouwens, misschien moet je jezelf ook voorstellen. Wie ben je? Waarom houd jij dit verhaal?

Zodra je je kernboodschap hebt uitgelegd, kun je informeren of je publiek je begrijpt en het er mee eens is. Tijd voor interactie, dialoog en discussie. Zijn er vragen?

Samenvatting.  Altijd goed om regelmatig samen te (laten) vatten, wat er besproken is.

Sluit je presentatie af met je kernboodschap. Dit is wat de mensen in ieder geval moeten onthouden en zo is de cirkel rond. Je publiek begrijpt dat je klaar bent en dikke kans dat ze applaudisseren.

In essentie is de volgorde: kernboodschap, uitleg, kernboodschap, K.U.K.

Om je verhaal levendig te maken kun je er het beste veel voorbeelden aan toevoegen. Verhalen uit je praktijk, gewoon wat je meemaakt. Des te concreter, des te beter.

Een goede presentatie heeft nauwelijks sheets nodig. De spreker vertelt de beelden. We komen voor een enthousiast verhaal, uitgesproken door een echt mens. We willen het vuur in je ogen zien, jouw geloof in jouw verhaal. Dat is de magie van een goede presentatie.

In schema

  • Anekdote
  • Kernboodschap
  • Voorstellen
  • Uitleg
  • Interactie/ vragen
  • Samenvatting
  • Kernboodschap

Lengte?

Een goed verhaal hoeft niet lang te zijn. Beter vijf spannende en mooie minuten dan tien saaie. Goed presenteren is een kunst. Na een minuut of acht zakt de aandacht van je publiek al weg, tenzij je actie onderneemt. Een verrassende wending, interactie met de zaal.
Langer dan een kwartier, twintig minuten, dat is voor profs, getrainde sprekers met ervaring. Begin klein.

Voorbereiden? Hardop repeteren!

Goed voorbereiden is de helft van het werk.
Lees ons blog over fysiek, mentaal en inhoudelijk voorbereiden.
Repeteer in ieder geval hardop. Dit doen alle profs.

Is dit alles voor een goede presentatie?

Ja, dit is de kale uitleg. Er is nog veel meer, maar dan wordt het direct een stuk ingewikkelder.
Ter illustratie een paar aspecten:

  • Het moet veilig zijn, voor je publiek en vooral ook voor jezelf. Hoe doe je dat?
  • Een goede presentator beschikt over natuurlijk leiderschap. Hoe krijg je dat voor elkaar?
  • Voor succesvolle communicatie is gelijkwaardigheid nodig. Hoe realiseer je gelijkwaardigheid?
  • Een goede speech heeft een ritme, een cadans. Herhaling helpt, net als in muziek.
  • Uit het hoofd of van papier? Beide. Goed voorbereid én improviseren, dan wordt het levendig.
  • Filmpjes, powerpoint, prezi. Soms nuttig en goed. Leer eerst zonder, dan kun je het ook met.
  • Je lichaamstaal en je klank vertellen het echte verhaal. Hoe krijg je hier vat op?
  • Je verhaal moet sprankelen. Het gaat om de juiste energie in je presentatie.

In het Handboek ‘Presenteren is een feest’ worden alle aspecten van A tot Z uitgelegd. Inclusief tips.

De blogs geven heel veel verdere informatie.

Maar het beste is natuurlijk het volgen van en goede presentatietraining.

Succes.

verbinden versus polariseren

Presenteren met zachte ogen.

Zachte ogen? Harde ogen? Presenteren met zachte ogen?

Ik ben niet mijn haren en mijn huid, maar ik ben de ziel die in mij leeft.

Rumi, Perzisch dichter (1207 -1273)

Harde ogen is gefocust kijken, doelgericht als we zijn. Je best doen om in de verte iets te zien. Het is controle willen houden in plaats van loslaten. Intussen mis je de helft of nog meer van wat er allemaal te zien is. Je knijpt met je ogen en spant je mondspieren. Je houdt je adem vast en zelfs je nek en hals spannen mee. Tja, dan wordt goed presenteren knap lastig.

Zachte ogen daarentegen is het tegenovergestelde. Met een brede blik alles ontvangen wat er te zien is, aanwezig zijn, ontspannen. Collega Anasuya Koopmans noemt het dan ook ‘ontvangende ogen’, verbonden met alles wat er is, verbonden ook met jezelf.
Je kunt heel letterlijk met zachte ogen gaan kijken door achter je ogen te ‘kijken’, dat wil zeggen met je aandacht achter je ogen te voelen. Je ontspant meteen, je blik wordt milder en je kunt bijvoorbeeld al meteen beter luisteren, dus beter merken wat je publiek nodig heeft. Geweldige eigenschappen voor een presentator.

Presenteren en praten met zachte ogen heeft mij vriendelijker presentaties en gesprekken opgeleverd, waarin ik de verbinding zoek in plaats van het eigen gelijk, de controverse of het ongelijk van de ander. Het is bovendien ook zacht naar mezelf.

Tegelijkertijd moet je wel scherp blijven natuurlijk. Je kunt niet in slaap vallen tijdens je presentatie. Daarom, zet je zuurstofpomp aan. Gebruik je handen als verlengstuk van je lippen, als spiegel van je denken en tegelijkertijd ook als aanjager van de juiste woorden op het juiste moment op de juiste plek.

Het helpt zelfs nu ik dit stuk schrijf. Even mijn handen bewegen en met zachte ogen kijken en ik weet wat me te doen staat.

Met je presentaties kun je iets bereiken: je kunt polariseren of verbinden. Polariseren leidt per definitie tot oorlog. Wil je dat?

De begrippen ‘harde en zachte ogen’ worden uitgebreid beschreven in het paardrij-boek ‘Centered Riding’ van de in 2009 overleden beroemdheid Sally Swift.

Elke Wiss, ruiter, trainer en instructeur, heeft een mooi artikel over zachte ogen geschreven. Een stuk dat ook hout snijdt bij presenteren.

Je presentatie van alle kanten goed voorbereiden.

Fysiek, mentaal en inhoudelijk goed presenteren

Een presentatie goed voorbereiden is een behoorlijke klus. Alles moet kloppen. Fysiek, mentaal en inhoudelijk. Als je deze drie te pakken hebt dan kun je goed presenteren. De inhoud is maar een deel van het plaatje. Hoe ziet het er uit, fysiek? Hoe klink je? Enthousiast, levendig, betrokken, rustig? Mentaal, kom je wat brengen of kom je orders halen?

Denk aan professionele toneelspelers die om 8 uur, als het doek open gaat, zich helemaal moeten geven in hun spel. Problemen, ruzies, pijn, vermoeidheid, dit alles mag even geen rol spelen.
Om dit te bereiken moeten professionals, met al hun ervaring, iedere keer opnieuw zeer zorgvuldig te werk gaan. Het is trechteren naar het moment dat het doek open gaat. Eerst was er een periode van repetities. Dan komt de voorbereiding van de tournee. De zalen zijn op geschiktheid onderzocht en al in hun opleidingen leerden ze om met dit hele proces om te gaan. Dan nog hebben zij ieder een eigen systeem, een ritueel, om er op het juiste moment helemaal voor te kunnen gaan, als een topsporter.

Voor jou als presentator geldt precies hetzelfde. Het hele proces, van uitnodiging tot publiciteit, zaalinrichting, verlichting en techniek, het moet allemaal kloppen.

Dit artikel gaat in op je voorbereiding kort van te voren, fysiek, mentaal, inhoudelijk.

Fysiek. Mensen kijken naar iemands lichaamstaal om te zien of ze die persoon geloofwaardig vinden. Er zijn sprekers die ‘ja’ zeggen en intussen met hun voet ‘nee’ schudden of achteruit deinzen. Dan geloven wij die voet en niet de woorden. Lichaamstaal gaat boven woorden, want woorden kunnen niet kloppen. Je lichaamstaal klopt altijd. Ben je ontspannen of niet? Dat heeft met je geloofwaardigheid te maken en dat zien we aan je lichaamstaal.
Hoe klinkt het? Dat is ook belangrijk. Daarom besteden we in onze trainingen veel aandacht aan stemgebruik, stembevrijding. Want een opgesloten, afgeknepen stem, dat klinkt niet goed. Daar wordt een publiek onrustig en angstig van. Waarom voelt deze spreekster / spreker zich niet vrij? Ook klank gaat voor de woorden. Als je angstig klinkt en je zegt dat je je vrij voelt, dan geloven we je echt niet.

Mentaal. Ja, met wat voor doel sta je eigenlijk op dat podium? Mik je op samenwerken of op vechten? Kom je iets waardevols brengen of kom je alleen iets halen? Wil je andere mensen ontmoeten of alleen jouw ding doen? Ben je geïnteresseerd in de mensen die naar je luisteren of nauwelijks? Heb je er plezier in? Als het niet leuk, mooi of interessant is, dan willen de meeste mensen weg.
Met de juiste instelling op het podium staan, dat is cruciaal voor een goede presentatie. De meest succesvolle instelling is, om te willen helpen, om samen verder te willen komen en te onderzoeken hoe dat kan.

Inhoudelijk. Met de inhoud zit het meestal wel goed. De meeste mensen die op een podium hun verhaal mogen presenteren, zijn juist op dat podium beland omdat ze veel van hun onderwerp afweten of er een bijzonder interessante kijk op hebben. Je verhaal moet uiteraard kloppen. Onzin leveren, dat heeft geen zin.

Check de zaal

Als je het zo goed voorbereidt, neem dan ook de moeite de zaal van te voren te checken. Klopt het aantal stoelen met het verwachte aantal mensen? Anders zijn er straks lege stoelen en dat is een slecht signaal. Klopt het licht? Weet je waar je moet gaan staan? Hoe voelt de zaal? Wat kun je doen om het gezellig, spannend, opwindend, veilig of wat ook te maken, voor jou, voor je publiek.

Zorg dat je er ruim van tevoren bent, zodat je alles goed kunt regelen, je gasten welkom kunt heten en in een optimale sfeer aan je presentatie kunt beginnen.

Succes.

Perfecte warming up oefening voor presentaties

Met je handen scherp je je presentatie.

Presenteren? Zet eerst je zuurstofpomp aan.

De zuurstofpomp is de naam van een ideale en eenvoudige oefening om je presentatie meteen scherp en alert te beginnen. Niet moeilijk, kan altijd en overal, kost weinig tijd en levert je heel veel op.

Je handen helpen je om goed te presenteren

Een goede presentator doet een warming up, zoals ook sporters doen. Dit oefenen we tijdens trainingen. We beginnen meestal met het bewegen van je vingers. Deze bewegingen maken we in stapjes groter. Vingers bewegen, handen, polsen, onderarm, ellebogen en tot slot het geheel van vingers tot en met schouders. Deze warming up is eenvoudig, werkt heel goed en is altijd en overal te doen.

Waarom zijn goed bewegende handen zo effectief?

Op een training vertelde een neurofysioloog waarom deze oefening zo goed werkt. Vanaf je vingers lopen er enorm veel zenuwen naar je hersenen. Al die verbindingen zijn nodig voor de complexe aansturing van je armen, handen en vooral ook vingers. Je kunt dit geheel vergelijken met een vijf-assige robot, zo legde hij uit. Ter illustratie: moderne fabrieken hebben vooral één- en twee-assige robots. Vijf-assig. Denk er even over na wat een complexe bewegingen je daarmee kunt maken. Een Balinese danseres is een prachtig voorbeeld, evenals een geweldige presentator.

Bewegende handen zetten je hersens aan het werk

Ieder van ons beschikt dus over twee vijf-assige robots. Om deze goed te gebruiken, heb je veel hersencapaciteit (en oefening) nodig. Fijne motoriek is immers razend ingewikkeld. Zodra je vingers en je handen en armen gaat bewegen, gaan je hersenen dus flink aan het werk. Hier is veel zuurstof voor nodig. Dus zodra je je handen en armen gaat bewegen, dan gaat meteen de zuurstofpomp aan. Je hart gaat meer bloed naar je hersenen pompen. Dat stimuleert ook je helderheid, je scherpte, je formuleringsvermogen, je taal, je alertheid, je aanwezigheid. Bijkomend voordeel: je bent met je aandacht uit je hoofd en bij je vingers, handen.

Conclusie 1: zodra je je handen en vingers beweegt, gaat presenteren veel beter. 

Andersom geldt helaas het tegenovergestelde. Zodra sprekers hun handen vastzetten, daalt meteen de zeggingskracht, het wordt gemompel en saai. Dat heb ik al honderden keren gezien. Sprekers én publiek kakken onmiddellijk in. Fysiek gaat het mis, mentaal, verbaal, in het contact. Handen vast, of ook maar enigszins gesloten, dat is al een defensief signaal en nu blijkt de boel ook nog eens als een plumpudding in elkaar te zakken.

Zodra je je handen vastzet, is het signaal naar je hart duidelijk: stop maar met zuurstof pompen, het hoeft niet meer. Pats, je hersenactiviteit daalt. En aiaiai, daar gaat je scherpte. Je handen vastzetten werkt dus om meerdere redenen volkomen averechts.

Conclusie 2:  Gesloten handen, op wat voor manier dan ook, dat gaat fout.

De zuurstoftoevoer naar je hersenen neemt af en je scherpte en alertheid verdwijnen als sneeuw voor de zon. Jammer, gemiste kans.

Uiteindelijke conclusie: Hou je handen los en open, gebruik ze speels en intelligent.

Gebruik ze als een danser(es), als verlengstuk van je lippen, als aanjager van je zuurstofpomp, als middel om scherp te blijven,
Gebruik ze als Obama in deze sensationele speech uit 2004 (6 minuten).

Lees meer over je handen tijdens je presentatie

Ga zingen, op toneelles of naar een training presenteren

Plankenkoorts? Zo kom je er vanaf.

Plankenkoorts, podiumvrees, spreekangst.
Je kunt er niet van slapen, het angstzweet breekt je uit. Je staat met knikkende knieën op het podium, je raakt je tekst kwijt, je durft niet.

Je bent bang om in het midden te staan, alle aandacht op je gericht. Je bent bang om af te gaan.

Allereerst is spreekangst of podiumvrees heel normaal. Bijna iedereen om je heen heeft plankenkoorts. Zo bleek maar liefst 95 % van een grote groep studenten spreekangst te hebben.

Beroemdheden als Adèle, Barbara Streisand en Johny Depp hebben ook last van plankenkoorts, ‘Stage fright’, zo heet zelfs een album van de legendarische begeleidingsband van Bob Dylan.
Aan plankenkoorts is veel te doen en een derde van alle mensen doet er inderdaad ook wat aan in de loop van zijn of haar leven.

Plankenkoorts is heel begrijpelijk. Jij tegenover een groep mensen, dat ga je altijd verliezen. Pas als je er anders naar gaat kijken (wij samen) verandert dit beeld. Op een presentatietraining kun je leren om er anders mee om te gaan.

Plankenkoorts is dus:
A) Heel normaal en
B) Voor de meesten van ons grotendeels oplosbaar.
C) Plankenkoorts is logisch zolang je je bedreigd voelt.
D) Samen met je publiek op een mooie, spannende reis gaan, dat is de oplossing.

Komt iedereen van plankenkoorts af?

Bijna iedereen kan er voor het grootste deel vanaf komen. En het restant plankenkoorts is nuttig.
Je komt er vanaf door erover te leren en te lezen, door oefening, training, feedback en ervaring. Al doende leer je om met je plankenkoorts om te gaan. Je komt er ook vanaf door op toneel te gaan en iedere dag overal te gaan zingen.

Wat doen mensen om hun plankenkoorts te verminderen?

In essentie zijn er twee wegen. Een harde weg die vroeger of later doodloopt en een zachte weg die je echt helpt. In het e-book ‘Help ik wil van mijn spreekangst af’ worden beide wegen uitgelegd.

Voorbereiding is alles. Fysiek, mentaal en inhoudelijk.

Je moet je fysiek voorbereiden, door van te voren goed te ontspannen. Door een warming up te doen voor je lichaam en je stem. Je moet je mentaal voorbereiden door na te denken over je instelling. Goed presenteren is delen in plaats van zenden. Wat kom je brengen? Wat wil je met je verhaal bereiken? En tot slot moet de inhoud van je verhaal kloppen.
Als je aan deze drie voorwaarden voldoet, dan kun je met een gerust hart het podium op en zou plankenkoorts niet nodig zijn. En toch is het er meestal nog steeds.

Lees meer over fysiek, mentaal en inhoudelijk voorbereiden.

Plankenkoorts heeft met kwetsbaarheid te maken.

Natuurlijk voelt het kwetsbaar, helemaal alleen, midden op een podium. Regelmatig geven mensen dit ook aan. ‘Het voelt alsof ik hier naakt sta, zo eng vind ik dit.’ Soms wordt ook als oplossing genoemd om je voor te stellen dat de hele zaal er in zijn of haar blootje zit. Dan zijn we tenminste weer gelijk.
Er is een belangrijke stroming in de psychologie die stelt dat je kwetsbaar opstellen je onkwetsbaar maakt. Ik denk dat dit klopt. Als je zegt dat je plankenkoorts hebt, dan lucht dat meteen op en hier is ook alle begrip voor in de zaal. De meeste mensen hebben immers plankenkoorts. Kwetsbaar zijn is ook dapper, mooi en ontroerend. Als een presentatie kwetsbaar is, dan zijn we stil, dan raakt het ons, dan luisteren we ademloos! Zie Berne Brown in haar TED talk

Fundamenteel aanpakken van je plankenkoorts?

Plankenkoorts en spreekangst gaan meestal over iets fundamenteels. Mag ik er wel zijn? Je angst om te falen tegenover vader of moeder. We hebben allemaal krassen op onze kinderziel. Door de stress reageren we weer als een kind dat bang was, een kind dat is afgewezen, een kind waar geen plek voor was. Die angst is existentieel en raakt aan de kern van je zijn. Opeens zijn we weer dat afgewezen, eenzame jongetje of meisje. Deze krassen hinderen je om je plankenkoorts een goede plek te geven. Aan die krassen op je kinderziel kun je werken. Training, opleiding, onderzoek en soms therapie.
Wij werken hier het meest aan in onze driedaagse training: Spreekangst wordt stemkracht.

Ook de tweedaagse training ‘Presenteren vanuit zelfvertrouwen’ helpt je. Zelfs onze eendaagse training ‘Zakelijk Presenteren’ brengt je al een stuk verder. We bieden je bovendien individuele coaching en het handboek ‘Presenteren is een feest’. 

Ons e-book over spreekanagst kun je nu meteen downloaden en lezen. We wijzen je erin een zachte weg de een echte oplossing biedt.

Nu meteen wat doen aan je plankenkoorts? Vijf tips.

    1. Zorg dat je zo ontspannen mogelijk bent. Ga wandelen in de natuur, yoga, mindfulness, Tai Chi, fietsen, buiten spelen.
    2. Ga zingen, op toneel, schilderen, schrijven, dansen, koken. Alle vormen van expressie helpen.
    3. Van klein naar groter. Gewoon in de allerkleinste zaaltjes beginnen, bij voorkeur thuis in de keuken. Hardop repeteren. Alle profs repeteren niet voor niets.
    4. Bereid je zo goed mogelijk voor. Fysiek, doe een warming up, mentaal, laat los, en inhoudelijk, maak een mindmap.
    5. Accepteer jezelf en je fouten. Goed geprobeerd, dapper geweest. Volgende keer een nieuwe kans.

 

Mentaal, fysiek en inhoudelijk goed presenteren.

Mentaal goed presenteren, hoe doe je dat?

Inhoudelijk goed presenteren, dat is een kant van het verhaal en het is relatief gemakkelijk. Meestal presenteer je immers ergens over omdat je er echt veel vanaf weet. In essentie is het dan een kwestie van een goede kernboodschap formuleren en deze uitleggen, zoals je het ook aan de keukentafel kunt doen. En hardop oefenen!

Een tweede aspect is fysiek goed presenteren. Dit kun je leren. Houding, rechtop staan, ontspannen, ook in je stem en toch alert. Een open houding, communicatief, neutraal en met een levendige klank zonder agressie of weerstand. Oefenen, oefenen, oefenen.

Mentaal goed presenteren, dat is het derde aspect. Met welke intentie treed ik mijn publiek tegemoet? Het is een instelling, een mindset. Het helpt om van te voren te bedenken dat je iets moois van je presentatie wilt maken, een feest, een inspirerende bijeenkomst. Wat heb je hier voor nodig? Wat heeft je publiek hier voor nodig? Hoe en waarmee help je je publiek? Het helpt om te proberen om vriendelijk te zijn in je presentatie Dat levert altijd resultaten op schreef mijn zus Sophie onlangs in een mooi artikel over leiderschap en vriendelijkheid. Het staat hieronder.

De kracht van vriendelijk leiderschap

Sophia V. Schweitzer – www.spacebeyondwords.com

“Het getuigt van vriendelijkheid en mildheid om een conflict rustig te kunnen verdragen, naar onszelf en anderen; Het getuigt van vriendelijkheid naar onszelf en anderen om magie en sentimentaliteit te verwerpen en rustig naar de feiten te kijken. Het getuigt van vriendelijkheid en mildheid om mensen te zien zoals ze zijn, in plaats van hoe we zouden willen dat ze zijn. Het getuigt van vriendelijkheid om voor anderen te zorgen precies zoals ze zijn.”
(Adam Phillips, On Kindness)

Iemand vroeg me onlangs hoe vriendelijkheid en mildheid passen binnen onze opvattingen over leiderschap. Met name ging het om de vraag of het mogelijk is om het beste uit werknemers te halen, gewoon door vriendelijk te zijn? Wat levert vriendelijkheid eigenlijk op? Ik denk aan de Dalai Lama. Voor hem geldt slechts een regel voor leiderschap: vriendelijkheid. Er bestaat geen twijfel over de kracht van zijn vriendelijke uitstraling. Mensen reageren. De motivatie om met meer levenskracht, passie en commitment te leven neemt onmiddellijk toe bij vrijwel iedereen die de Dalai Lama hoort spreken. Heb je de Dalai Lama wel eens horen lachen? Zijn lach doet iets met ons, in positieve zin. Ja, vriendelijkheid is overduidelijk een motiverende kracht. Het is de kern van leiderschap.

Het ‘kind’ in ons

Fascinerend, het zit in zelfs onze taal. De etymologische oorsprong van het Engelse woord ‘kind’ verwijst naar aard, van de aard, en de oude afleiding gecynde, of ‘aardig’. Het betekent ook van nature, het wijst dus op een natuurlijke orde, een aangeboren karakteristiek, afstamming, waar je vandaan komt. Dus aardigheid en vriendelijkheid behoren al sinds het begin van onze evolutie tot de bronnen van ons mens zijn. Vriendelijkheid veranderde geïsoleerd leven in samenwerkende gemeenschappen, een verandering die de kansen voor de menselijk soort om te overleven enorm vergroot. Ons leven bestaat omdat vriendelijkheid bestaat. Alles wat wij proberen en wat wij voorstaan., dat is het leven. Het Nederlands / Germaanse woord ‘kind’, in de betekenis van jong mens, roept onmiddellijk associaties op met onschuld, spelen, plezier. Het is dezelfde etymologische bron.
Uit allerlei onderzoeken blijkt dat een gevoel van welbehagen, autonomie, meesterschap en zingeving in het dagelijks werk veel belangrijker is voor werknemers dan materiële beloning of bedreiging. “Leader kindness and generosity are strong predictors of team and organizational effectiveness,” schrijft Harvard Business Review in een samenvatting van Adam Grant’s boek Give and Take. “Leaders are key to kindness in the workplace,” schreef de Chicago Tribune het afgelopen jaar.
Laten we het ook eens van een andere kant bekijken. Wanneer er géén vriendelijkheid tussen mensen is, lijden mensen. Zijn mensen ons ooit beter gaan behandelen nadat / omdat we onze vriendelijkheid hebben laten varen?
Als het zo logisch is, waarom zijn leiders dan niet altijd vriendelijk ? Vriendelijk zijn vraagt vertrouwen. Het lijkt erop dar er een noodlottig misverstand bestaat waardoor vriendelijkheid wordt verward met slappe knieën. Adam Phillips gaat hier in zijn boek ‘On Kindness’ dieper op in. We zijn bang dat vriendelijkheid tot besluiteloosheid leidt en dat de ander ons niet serieus neemt en misbruik van ons maakt. Vriendelijkheid, of we het nu geven of ontvangen, kan zelfs gevoelens van schaamte oproepen. Het maakt je immers kwetsbaar en afhankelijk En, het allerbelangrijkste: We weten amper hoe we echt vriendelijk kunnen zijn voor onszelf, laat staan voor een ander.

Zelfs nadenken over vriendelijkheid helpt al.

Dus, overweeg het, de mogelijkheid om vriendelijk te zijn. Zelfs er over nadenken helpt al. Overweeg de mogelijkheid dat we altijd resultaten krijgen wanneer we er voor kiezen om allereerst vriendelijk te zijn. Hoe ziet dit er in de praktijk uit? Voor mij betekent het dat ik moet beginnen met vriendelijkheid, mildheid naar mezelf. Dat is nog best moeilijk, maar als ik mezelf niet vriendelijk tegemoet treed, hoe kan ik dan vriendelijk zijn naar een ander? Het betekent mezelf aanvaarden in alles wat ik wel en niet ben, mijn eigen vooronderstellingen, aannames en daden onderzoeken zonder oordeel, zo objectief mogelijk – vanuit een vriendelijk en welwillend bewustzijn. Want vanuit mijn vriendelijk aanwezig zijn, mild en vol begrip, kan ik verder en verder om mij heen kijken en zien wat vriendelijkheid in mijn directe omgeving doet. Ik kan aandacht geven, zorgzaam zijn en mensen misschien helpen, ik kan vragen stellen vanuit dit uitgangspunt. Zorgzaamheid voor mezelf en voor anderen, voor de mensen om mij heen, voor de mensen met wie ik werk. Ik kan empathie, steun, en bemoediging bieden. Een situatie kan misschien niet goed zijn, de mensen in die situatie, zijn altijd, altijd, altijd heel. Ik wéét dit vanuit en in deze open, wijde ruimte van vriendelijkheid.
We kennen het hele verhaal nooit. Maar we kunnen belangstellend zijn en de situatie vanuit betrokkenheid onderzoeken. We kunnen dit doen vanuit een niet vooringenomen, open helderheid. We kunnen luisteren. We kunnen meerdere perspectieven omhelzen. We kunnen onszelf vragen, hoe zien andere mensen ons? Hoe zouden onze werknemers ons zien? Vriendelijkheid is waarheid en volledige aanwezigheid. Het is liefderijke zorgzaamheid. Het is een vaardigheid die bij ons zelf begint. Gemakkelijk? Ja en nee. Overweeg om vriendelijk te zijn en het wordt gemakkelijker. Je ademhaling, bewust waargenomen vanuit vriendelijkheid is een onmiddellijk en krachtig begin. Altijd weer.
Je kunt het ook als volgt zien: We kunnen vriendelijkheid verwerpen, maar vriendelijkheid verwerpt ons nooit. Vriendelijkheid is onze kinderlijke, oorspronkelijke aard, het is wie we zijn, sterk en veerkrachtig. Nu of later, vriendelijkheid is de weg die we moeten volgen, dus we kunnen die weg net zo goed nu gaan volgen. Het is de enige weg naar blijvend succes. Hoe bevrijdend is het, wanneer je je dit realiseert.

En hier is Kurt Vonnegut: ’Hallo, baby’s. Welkom op Aarde. Het is er heet in de zomer en koud in de winter. Ze is rond en nat en overbevolkt. Met wat geluk, baby’s, hebben jullie hier honderd jaar. Er is maar één regel die ik ken, baby’s – „Verdomme, je moet aardig zijn.’
(Uit God Bless You, Mr. Rosewater, 1965.)
________________________________________

De datum van je presentatie, dat het echte begin

Manieren om je presentatie te beginnen.

Hoe begin je je presentatie? Hoe kom je door die eerste ogenblikken heen?
Veel mensen vragen dit. Na die eerste minuten wordt het gemakkelijker. Ook dat zeggen veel mensen.

Er zijn veel manieren om je presentatie te beginnen. Hieronder staat een voorbeeld.

Op 27 november 2016 mocht ik in een kleine huiskamer eigen gedichten voorlezen.
Omdat mijn gedichten over algemene onderwerpen gaan, de natuur, vader, moeder, zocht ik naar iets actueels van waaruit ik de stap naar mijn gedichten kon maken.
27 november bleek de geboortedag van Jimi Hendrix, legendarisch gitarist, van wie we nog dit jaar een nieuwe CD hebben gekocht. Ik schreef daarom een korte ‘ode aan Jimi Hendrix’, waarmee ik mijn gedichtenvoordracht begon.

Hoe moeilijk is het om zoiets te vinden? Niet moeilijk, Wikipedia biedt info over iedere datum.
Het besef dat je van iedere presentatie iets bijzonders kan maken en mag maken, dát is de stap. Iedere presentatie als unieke kans. Zodra je een verbinding met het nu maakt, heb je meteen contact met de aanwezigen. Iedereen wist wie Jimi Hendrix was, tot mijn verrassing. Er ontstond direct al gemeenschappelijke betekenis. Dit is de definitie van communicatie: het scheppen van gemeenschappelijke betekenis. Het voelde meteen fris als een citroen. Een mooie start, ook voor mij.

Dus, op welke datum presenteer je? Dat kan al een begin zijn.
Waar presenteer je? Mijn gedichten deelde ik in de huiskamer van de Stichting Uit en Thuis, jazeker, ook dat is een verhaal.

En dan de reis naar dat zaaltje. Ik ging op de fiets, heerlijke tocht door de bossen van een uur. Mooi zonlicht, ik maakte foto’s. Er stopte een dame op een racefiets. Of ik op haar camera een foto van haar wilde maken. Het was de eerste keer dat ze weer fietste na een blessure. Ja, ook u las dit, inderdaad, al weer een verhaal. Het leven is een aaneenschakeling van bijzondere verhalen, het is aan jou om ze op te pakken en door te vertellen. Zo heb je altijd een verhaal.

Meer manieren om je presentatie te beginnen: pagina over pareltjes en ijsbrekers.
Waarom presenteer je? Je motief. Lees onze missie. 
Wat is het doel van je presentatie? Dat is een volgend verhaal.

En het allerkortste: Begin je presentatie met ‘ja’.

Hartelijke groet,

Roeland Schweitzer


Ode aan Jimi Hendrix

Je hebt voor en na Jimi, dat alleen al.

Het is niet zijn motoriek, zijn haar
zijn wilde uiterlijk, de indiaan
zijn ‘groove’, zijn tanden op zijn gitaar
zijn gitaar boven zijn hoofd
op zijn rug, in vuur en vlam
zijn gitaar overal, overal
en de klanken, door merg en been
zijn hese stem.

Het is wroew, wrew, wrauw
oerklank, oerdrift
een tegengeluid, puur ontdekken, een nieuwe dimensie
weg uit de veiligheid, weg van de bekende weg.

Het is de essentie, alarmerend, messcherp, schel en fel
provocerend, fascinerend
ongehoord enerverend, oerkracht.

Jouw oerkracht, mijn oerkracht
onze oerkracht aangestoken.

 

Jimi Hendrix is 27 november 1942 in Seattle geboren. Hij stierf in London, 18 september 1970
Deze foto is gemaakt op het Monterey Popfestival in 1967,

hendrixmontereypop67

 

Voor presentatoren, gebruikers van social media en aspirant-journalisten

Boek ‘# Iedereen journalist’

‘Iedereen journalist’ is een ragfijn boek over de situatie van de journalistiek, over de kracht en de kwetsbaarheid, de kansen en de klappen. Een SWOT-analyse van de journalistiek gevolgd door elf journalistieke lessen voor aspirant journalisten, lees sociale media gebruikers.

Iedereen die informatie verspreidt zou dit boek moeten lezen. Presenteer je een verhaal, schrijf je wat, maak je ene filmpje voor insta, maakt niet uit, jij verspreidt informatie.

 

vlnr Roeland Schweitzer, Hans Nijenhuis, Willem Wansink

 

Iedereen Journalist is op 7 oktober 2016 met een debat gepresenteerd in Nieuwspoort.
Hans Nijenhuis (midden), hoofdredacteur van het AD, ontving het eerste boek.
Auteurs Willem Wansink (rechts) en Roeland Schweitzer geven sinds 2015 samen mediatrainingen.

Waarom moet u dit boek lezen?

Anno nu heeft zowat iedereen een smartphone op zak en heeft daarmee de beschikking over het volledige instrumentarium van een journalist. Dit is een van de meest ingrijpende communicatie-innovaties sinds de uitvinding van de drukpers, de meest sensationele ontwikkeling van internet tot nu toe. Tegelijkertijd staan de journalistiek, de vrije pers en de democratie flink onder druk.
In essentie kan het twee kanten op: totale democratisering versus totale terreur. De balans zal niet direct volledig doorslaan, maar of de uitkomst vreugdevol of dramatisch wordt, dat is mede aan u! En aan ons. Daarom onze bijdrage in de vorm van ‘Iedereen journalist’.

Een smartphone is een zoekmachine, opname-apparaat voor beeld en geluid, editor én zender met wereldwijd bereik via sociale media. Hoe zou je hier goed gebruik van kunnen maken? Voor iedere communicatie-professional liggen hier kansen. Tegelijkertijd wordt de klassieke journalistiek ernstig bedreigd. Oplagen dalen, inkomsten hollen achteruit en de vrije pers wordt toenemend beknot. Het advertentiegeld vertrekt naar Google en Facebook, maar deze multinationals zijn geen journalistieke media. Waar liggen mogelijke oplossingen? Kunnen die twee miljard smartphone bezitters journalist worden? Wat is hier voor nodig? Het boek eindigt met elf basisvoorwaarden voor bonafide journalistiek. U kunt Iedereen Journalistiek via de kolom rechts bestellen.

iedereen journalist

 

 

ISBN 978-90-818449-1-8 92 pagina’s €12,50,-

Gratis thuisbezorgd.

E-book ISBN 978-90-818449-2-5  € 5,90

Wat moet je publiek onthouden?

Je kernboodschap is het antwoord op je kernvraag!


Wat moeten wij in ieder geval onthouden?
Waar gaat het echt over?
Dat is je kernboodschap.

Het is je hele verhaal in maximaal twee zinnen.
Je kernboodschap is niet je onderwerp, maar het is de kern van je betoog. Voorbeelden:

  1. Je verhaal gaat over voetballen, dat is het onderwerp. Maar je kernboodschap is dat alle ballen het beste over links kunnen worden gespeeld. Je verhaal gaat over een betere wereld en je kernboodschap kan zijn ‘begin bij jezelf’.
  2. Samen met Willem Wansink schreef ik een boek met als titel ‘Iedereen journalist’. De kernboodschap is: ‘Als de twee miljard mensen met een smartphone de basisprincipes van goede journalistiek hanteren, dan is de crises in de journalistiek omgezet in een giga-overwinning voor de journalistiek én voor de democratie.’
  3. Het Handboek presenteren gaat uiteraard over presenteren. De kernboodschap is: Succesvol presenteren doe je vanuit betrokkenheid en vanuit de vraag: hoe kan ik helpen?
  4. Het onderwerp zijn de vluchtelingen uit het midden-oosten en het voortdurende drama. De uiteindelijke kernvraag hierachter is: hoe creëren we vrede in de wereld, zodat mensen niet hoeven te vluchten en kinderen zich kunnen ontwikkelen.

Kernvraag?

Zojuist las je het woord ‘kernvraag’, in plaats van kernboodschap. Ja, die twee hebben met elkaar te maken. Kernvraag: hoe leer ik presenteren? Antwoord: door te oefenen. Met een goede training leer je sneller en wordt het iets minder ‘trial and error’.

De kernvraag  van het boek ‘iedereen journalist’ luidt: Hoe maak je van die 2 miljard smartphone gebruikers bonafide journalisten? En kan dat eigenlijk wel?  Daar zitten weer vragen achter. Wat zijn bijvoorbeeld de gevolgen voor de journalistiek van de opkomst van internet en de mobiele telefoon? Zo u wilt een SWOT analyse, Strongness, Weaknesses, Opportunities and Threats. Kracht, zwaktes, kansen en bedreigingen.

Achter ieder goed betoog zit dus ook een kernvraag.
Probleem, analyse, oplossing, een van onze presentatiemodellen.
Hoe krijgen we de ballen in de goal? Door over links te spelen.
Een goed betoog heeft een kernboodschap. Dat is min of meer het antwoord op de kernvraag!

Kernvraag en intentie

De kernvraag in een goed verhaal ligt dicht bij de beste intentie, hoe kan ik helpen?

Kernboodschap minstens twee keer noemen

Goed presenteren doe je op je eigen manier, maar het is best slim om je kernboodschap minstens twee keer te benoemen, aan het begin en tot slot.
Aan het begin, dan is iedereen nog wakker en is dat meteen duidelijk.
Daarna ga je je kernboodschap logischerwijs uitleggen. Je kernvraag helpt hierbij.
Afsluiten met je kernboodschap, dat is de juiste manier en het werkt fantastisch. Wat we in ieder geval onthouden, dat is vaak het laatste dat we meekrijgen. Beginnen en eindigen met je kernboodschap, dat maakt de cirkel keurig rond. Het is een presentatiestructuur die maar zo wordt beloond met een daverend applaus.

Verrijk de aanwezigen met echte verhalen.

De huwelijksspeech

Fantastische dag, zoon of dochter trouwt, broer of zus, dierbare vriend of vriendin. Samen beginnen twee mensen aan wat hopelijk een feest blijft.

Ze spreken het luid en duidelijk uit: ‘Ja, ik wil.’
In het gemeentehuis, misschien in een kerk, zichtbaar voor iedereen: ‘Ja, ik wil.’

En u (verder noem ik je je, anders wordt het zo stijf) mag iets moois zeggen, iets liefs, iets wat bijdraagt. Jij als dierbare, dichtbij bruid of bruidegom. Maar hoe doe je dat, hoe geef je een goede huwelijksspeech?

Bravour-achtige types doen het onvoorbereid, uit het hoofd, met nog een slok op ook. Misschien een op de duizend lukt dit, een beetje. Voor alle anderen, ons gewone stervelingen, is goed voorbereiden het sleutelwoord.

Het bijzondere van een huwelijksspeech is dat je de relaties van de bruid kunt verbinden met de wereld van de bruidegom, of andersom.

Een huwelijksspeech verschilt in één opzicht van alle andere speeches. Vrijwel alle aanwezigen kennen één van de twee beter en kennen de ander een stuk minder. Het is je dochter of zoon, broer of zus, beste vriend of beste vriendin, die gaat trouwen met een meestal minder bekende ander. De aanwezigen behoren of tot jouw wereld of tot de wereld van de ander. Hier ligt je kans en je taak. Je hebt de unieke mogelijkheid om die werelden iets meer te verbinden. Gewoon door uit je hart te vertellen wat jij weet over de man of vrouw die jij zo goed kent.

Vertel over de ontroerende momenten.

Door verhalen te vertellen uit jouw wereld, uit de ene helft dus, verbind je. Verhalen over de bruid of bruidegom in allerlei situaties, van klein naar groter, wat opviel, wat je je herinnert. Anekdotes uit alle fases van dat leven. Ga er naar zoeken in je geheugen. Ga hiervoor wandelen, fietsen, sporten, dan komt je geheugen in beweging en komen de verhalen als vanzelf. Zet ze op een rij. Praat er met anderen over, zodat je meer verhalen te pakken krijgt. Kijk naar foto’s, loop door een oude kamer. Het gaat niet om jaartallen, maar om verhalen. Noteer wat bijzonder is, typerend, ontroerend, opmerkelijk en misschien ook wel hilarisch. Kijk met zachte ogen. Je kunt deze verhalen ook vinden door het volgende zinnetje: “Als ik aan …. denk, dan komt als eerste naar boven ….”

Des te concreter, des te beter.

Als luisteraars willen we het voor ons kunnen zien. Hiervoor hebben we details nodig. De strooppot op de tafel, de posters met motoren aan de muur, de zonnebloemen voor het huis. Geef je verhaal kleur en leven. Beschrijf de plek, Wat gebeurt er? Dat is het verhaal. Niet ‘en toen en toen en toen’. Wel ‘een ander typerend verhaal is:’.

Zoek de rode draad

Zorg ervoor dat de ene helft van het publiek in een zachte wolk van herkenning belandt en de andere helft een kleurrijk beeld krijgt van de wereld waaruit de bruid of bruidegom komt. Hou het persoonlijk. Maak er geen ijdeltuiterij van, maar wees wel trots. Een kind opvoeden en vervolgens gelukkig de wereld zien ingaan, daar doe je het voor als ouder! Je zus of broer die trouwt, de sprong in het diepe, dat is geweldig. Je beste vriend of vriendin die verliefd is, hoe fijn is dat? Probeer door al die verhalen heen een rode draad te vinden. Wat is de kracht van iemand? Wat vind jij bijzonder? Meteen voorbeelden erbij, het bewijs, de verhalen. Waar was het, hoe zag het eruit, welke details heb je. Hierdoor wordt het verhaal levend.  Ontdek de rode draad en benoem deze rode draad een paar keer in je verhaal en sluit er ook mee af.

Zo ontwikkel je de inhoud. Verhalen verzamelen en hier een rode draad in aanbrengen.

Hoe orden je je verhalen en hoe onthoud je ze?

Het maken van een mindmap helpt je. Het is maar een paar minuten werk en dwingt je om een goed raamwerk op te zetten. Maak er een paar en kijk of ze hetzelfde zijn. Orden je verhalen op thema en niet zozeer chronologisch.

En dan wordt het tijd om hardop te gaan oefenen. Liefst al met iemand erbij. Dat mag nog wel van papier, maar schrijf je verhaal het liefst niet helemaal uit, de steekwoorden uit de mindmap helpen je.

Probeer het ook eens zonder papier, uit je hoofd. Een goede speech, ook van een professional, is altijd hardop gerepeteerd.

Hoeveel tijd kost het om een goede huwelijksspeech te maken?

Je moet er een aantal dagen voor uittrekken. Niet continue, maar je verhaal moet groeien, je moet het er met anderen over hebben, je moet hardop oefenen en je moet er nog eens een nachtje over slapen. Dat kost allemaal tijd, gun jezelf en je luisteraars die tijd. De wereld wordt er mooier van.

Uit het hoofd of van papier?

Het allerbelangrijkst is uit je hart. Als je voldoende hardop oefent, ook met mensen erbij, als je een paar mindmaps maakt, als je een stuk van het verhaal een keer uitschrijft en voorleest, als je ditzelfde verhaal ook uit je hoofd probeert, dan komt het verhaal goed in je hoofd en kun je het straks grotendeels zonder papier. Een mindmap is ook een handig spiekbriefje. Uit het hoofd is een stuk directer, spontaner, meer in contact, levendiger, speelser en warmer dan voorlezen. Je hebt meer vrijheid en kunt beter inspelen op de werkelijke situatie. Goed voorlezen is bovendien een hele kunst. Ook dat moet je oefenen. Essentieel is dat je hardop repeteert. Alle profs repeteren, vaak én hardop. Je wilt het goed doen toch? Goed voorbereiden is het halve werk. Dat betekent vooral ook meerdere keren hardop repeteren. Zo krijg je kwaliteit.

Hoe houdt je je zenuwen in bedwang?

Wat helpt is heel goed voorbereiden. Wat helpt is een slokje water drinken. Wat helpt is lekker sporten van te voren, buiten wandelen, frisse lucht, je lichaam ontspannen en even je stem opwarmen. Wat helpt is je intentie om de bruid of de bruidegom zo goed mogelijk over het voetlicht te brengen. Wat helpt is van te voren hardop repeteren. Wat helpt is optimaal voorbereiden en het dan loslaten. Meer kun je immers niet doen. Wat helpt is het besef dat vooral persoonlijke verhalen raken. Nog samen in bad gezeten? Vertel. Samen op vakantie geweest? Vertel. Een paar tranen zijn niet erg, geen emotie is veel erger. Als je vanuit liefde vertelt, dan komen de mensen in de zaal er dichter door bij elkaar. Voel vanuit je hart welke verhalen er komen. Zo komen we meer te weten over de bruid of bruidegom. Daar helpt je echt mee!

Hoe lang mag je speech zijn?

Verhalend, levendig, echt, uit het hart, hier gaat het om. Beter vijf ontroerende minuten dan tien saaie. Je hebt Chronos en Kairos. Chronos is de kloktijd, Kaïros is je kansen benutten op het juiste moment. Je kunt ook zeggen de mooie tijd, de echte tijd. Een fantastisch uur vliegt voorbij, in kloktijd. Dus maak er iets geweldigs van en denk aan het Duitse gezegde: “In die Beschrankung zeigt sich den Meister en het Engelse “Less is more”.

Samenvatting: de wereld van bruid en bruidegom verbinden.

Een huwelijksspeech verschilt dus met een gewone speech doordat de aanwezigen of uit de wereld van de bruid of uit de wereld van de bruidegom komen. Het is je unieke kans om deze werelden met je verhalen te verbinden. Meer lezen? Zie nog een blog over voorbereiden van een speech.

Meer weten over goed presenteren?

We raden iedereen uiteraard een goede presentatietraining aan.

Het Handboek 'Presenteren is een feest'. 11de druk 2016

Je kunt bovendien het handboek ‘Presenteren is een feest’ lezen. Alles wat je moet weten staat erin, inclusief honderden tips en vier checklists.

Tot slot is een individuele coaching een regelmatig gebruikte mogelijkheid om je verhaal goed te oefenen.

Het Handboek ‘Presenteren is een feest’, 116 pagina’s A5 , 11de druk.

 

Ik wens je succes en een prachtige dag.
Hartelijke groet,
Roeland Schweitzer

Ik mocht twee (van onze drie) kinderen trouwen als ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Utrechtse Heuvelrug. ik was o.a. speechschrijver en ben nu presentatietrainer en coach.