Tips voor een spreekbeurt op school

Hoe houd je een goede spreekbeurt op school?

Lees deze tekst eens rustig door. Print de tekst uit. Bespreek de tekst met anderen, bijvoorbeeld in de klas of met je ouders. Heb je nog vragen? Welkom. Klik helemaal onder aan deze pagina op mijn naam, Roeland Schweitzer.

  1. Spreekangst is heel normaal.

    Bijna iedereen vindt een spreekbeurt eng. Dus spreekangst is heel normaal. Spreken voor een groep leer je alleen door te oefenen, door het te doen. Je leert voetballen ook niet uit een boek, maar door het te doen.

  2. Bedenk je onderwerp: Wat vind jij interessant / belangrijk / mooi?

    Losse feitjes zijn niet zo belangrijk. Wat jij voelt of denkt, wat je eng vindt of juist leuk en mooi, of belangrijk, of juist raar, dat doet ertoe. En vooral ook waarom je dat vindt! Daar kun je enthousiast over vertellen. Je vindt bijvoorbeeld Frankrijk een mooi land, want je bent er net op vakantie geweest.
    Vertel gewoon je eigen verhaal! Wat heb je zelf meegemaakt?
    Waar jij blij en enthousiast van wordt, dat vinden anderen ook leuk om te horen. Weet je nog niets? TIP: Ga buiten wandelen, totdat je opeens denkt hee, dit is leuk.

    Een bijzondere gebeurtenis? Iemand die je aardig vond of vindt? Je konijn, of je hond? Een bijzondere plek waar je geweest bent de afgelopen tijd? Een mooi liedje, een boek, misschien een film die je hebt gezien?, Jullie vorige huis? Wat je later wilt worden? Of iets ergs, zoals de scheiding van je ouders, of een ongeluk dat je hebt gezien. Dingen die je al een poosje bezig houden, daar weet je vaak ook meer van dan andere kinderen, want die hebben weer andere interesses. Daardoor heb jij ook iets bijzonders te vertellen.

  3. Na je onderwerp komt je boodschap: wat wil je echt zeggen?

    Iets dat jij bijzonder vindt, dat is dus je onderwerp. Nu je dit weet, komt de volgende vraag: Wat wil je erover zeggen? Dat is je kernboodschap. Hier draait je verhaal om. Je onderwerp is bijvoorbeeld je fiets of fietsen, dan kan je kernboodschap zijn: fietsen is gezond!
    Tip: Schrijf je kernboodschap midden op een leeg blaadje papier.
    Ook moet je informatie verzamelen over je onderwerp. Er moet nog meer bij. Waarom vind je het interessant? Waar doet het je aan denken? Wat wil je er precies over zeggen? Vraag aan andere mensen wat zij van je onderwerp weten of vinden. Mensen vinden het altijd leuk je te helpen. De gesprekjes die je over je onderwerp voert, daar kun je veel van leren. In feite oefen je dan al je spreekbeurt. Je kunt die gesprekjes heel letterlijk herhalen: ‘Ik sprak erover met mijn vader en die zei: …’ Des te meer je over je onderwerp met anderen praat, des te beter gaat straks je spreekbeurt. Als je daarentegen alleen maar aan het lezen bent, dan heb je misschien wel veel informatie, maar je kunt er nog niet over praten.

  4. Klein beginnen.

    Hardop repeteren werkt heel goed. Begin dus gewoon thuis. Oefen je verhaal een paar keer met je vader of moeder. Vraag of ze je willen helpen, door na afloop commentaar te geven.Zo leer je al heel veel. Kunnen vader of moeder niet met je oefenen, vertel dat dan aan je leraar of lerares en leg uit dat je toch van te voren hardop wilt oefenen. Misschien weten zij een oplossing.
    Presenteren is belangrijk, je hele leven heb je het nodig, bijna als lezen en schrijven. Het is dan ookn heel handig om goed te leren presenteren. Je hebt er je hele leven plezier van. Des te eerder je er mee begint, des te beter!

  5. Vertel begrijpelijk.

    Hou het leuk. Ga niet allemaal feitjes oplezen, zoals dat Frankrijk 543.965 km2 groot is. Dat zegt niemand iets en iedereen is het meteen weer vergeten. Ongeveer 14 x zo groot als Nederland, dat klinkt al een stuk begrijpelijker. Hou het dus ook eenvoudig en begrijpelijk.

  6. Vertel met enthousiasme en plezier. Geef zo veel mogelijk voorbeelden, daardoor wordt je veel beter begrepen. Grapjes ontspannen jou en je publiek.
  7. Maak een mindmap.Schrijf je kernboodschap midden op een blaadje: bijvoorbeeld ‘Frankrijk is mooi’, of ‘fietsen is gezond’. Schrijf hier omheen trefwoorden over wat je over Frankrijk wilt vertellen, bijvoorbeeld, de reis er naar toe, de bergen, steden waar je geweest bent, de camping, musea, de taal, leuke mensen die je hebt ontmoet. Zo’n briefje noemen ze een mindmap.
  8. Echte verhalen, die komen over!

    Vertel over wat jij zelf hebt meegemaakt, wat jij voelde, wat jij mooi vond, wat jij dacht. Ander voorbeeld: Vind je bijvoorbeeld dat jullie een heel mooie caravan hebben, dan kun je vertellen waarom je dat vindt. Je kunt ook iets vertellen over de geschiedenis van de caravan. Of je hebt op vakantie voor het eerst paard gereden, dan kun je iets over paarden gaan vertellen. Paardensoorten, de geschiedenis van het paard, hoe werkt dat met dressuur. Altijd weer: wat jij leuk en interessant vindt, wat jij wilt weten!

  9. Rustig staan en stil zijn.

    Hoe ga je staan? Dit kun je prima oefenen. Stevig, met je handen los naast je. Je benen iets uit elkaar. Je handen gewoon laten hangen. Losjes ontspannen, een beetje door je knieën veren en tegelijkertijd heel rustig. Zodat niemand je omver kan duwen. Voel je je voeten? Dan is het goed. Niet met je handen in je zakken, voor je borst, of op je rug. Beide voeten naast elkaar op de grond. Wacht tot het stil wordt en je de aandacht hebt, dan pas kun je beginnen. Ook tijdens je verhaal moet je zo af en toe even je mond houden. Kijk eens op youtube hoe mensen presenteren.

  10. Na afloop je samenvatting uitdelen.

    Wees voorzichtig met spullen rond laten gaan tijdens je verhaal. Het is soms wel leuk, maar het leidt ook erg af. Er wordt niet meer naar je geluisterd. Is je publiek eenmaal onrustig, dan is het moeilijk om ze weer stil te krijgen. Het beste kun je pas na afloop van je verhaal dingen laten zien en de spullen tijdens je verhaal mooi uitstallen zodat je ze aan kunt wijzen. Na afloop een samenvatting uitdelen, dat is ook heel nuttig.

  11. Rustig en laag ademhalen.

    Je ademhaling. Ook dit kun je oefenen. Je moet dat op school leren, vind ik. Vraag het maar aan je meester of juf! Probeer je adem zo diep mogelijk onder in je buik te voelen. Dat helpt. Ook dit kun je van tevoren oefenen. Adem vier seconden diep in, hou je adem vier seconden zo laag mogelijk onder in je buik vast en adem dan weer rustig uit. Doe dit een aantal keren achter elkaar.

  12. Hou het leuk, eenvoudig en krachtig.

    Begin en eindig met je kernboodschap. Dat houdt je spreekbeurt overzichtelijk en maakt je verhaal mooi rond. Maak tot slot een buiging, dan gaan ze misschien wel voor je klappen! Veel succes.

Op deze site vind je nog veel meer tips.
Helpt deze informatie je, geef de link dan gerust door aan anderen!

Door op mijn naam te klikken kun je ook een mailtje sturen als je nog een vraag hebt.
Ook geef ik heel graag een workshop presenteren aan leraren.

Veel succes,
Roeland Schweitzer

2 gedachten over “Tips voor een spreekbeurt op school

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *