Tagarchief: presenteren

Mentaal, fysiek en inhoudelijk goed presenteren.

Mentaal goed presenteren, hoe doe je dat?

Inhoudelijk goed presenteren, dat is een kant van het verhaal en het is relatief gemakkelijk. Meestal presenteer je immers ergens over omdat je er echt veel vanaf weet. In essentie is het dan een kwestie van een goede kernboodschap formuleren en deze uitleggen, zoals je het ook aan de keukentafel kunt doen. En hardop oefenen!

Een tweede aspect is fysiek goed presenteren. Dit kun je leren. Houding, rechtop staan, ontspannen, ook in je stem en toch alert. Een open houding, communicatief, neutraal en met een levendige klank zonder agressie of weerstand. Oefenen, oefenen, oefenen.

Mentaal goed presenteren, dat is het derde aspect. Met welke intentie treed ik mijn publiek tegemoet? Het is een instelling, een mindset. Het helpt om van te voren te bedenken dat je iets moois van je presentatie wilt maken, een feest, een inspirerende bijeenkomst. Wat heb je hier voor nodig? Wat heeft je publiek hier voor nodig? Hoe en waarmee help je je publiek? Het helpt om te proberen om vriendelijk te zijn in je presentatie Dat levert altijd resultaten op schreef mijn zus Sophie onlangs in een mooi artikel over leiderschap en vriendelijkheid. Het staat hieronder.

De kracht van vriendelijk leiderschap

Sophia V. Schweitzer – www.spacebeyondwords.com

“Het getuigt van vriendelijkheid en mildheid om een conflict rustig te kunnen verdragen, naar onszelf en anderen; Het getuigt van vriendelijkheid naar onszelf en anderen om magie en sentimentaliteit te verwerpen en rustig naar de feiten te kijken. Het getuigt van vriendelijkheid en mildheid om mensen te zien zoals ze zijn, in plaats van hoe we zouden willen dat ze zijn. Het getuigt van vriendelijkheid om voor anderen te zorgen precies zoals ze zijn.”
(Adam Phillips, On Kindness)

Iemand vroeg me onlangs hoe vriendelijkheid en mildheid passen binnen onze opvattingen over leiderschap. Met name ging het om de vraag of het mogelijk is om het beste uit werknemers te halen, gewoon door vriendelijk te zijn? Wat levert vriendelijkheid eigenlijk op? Ik denk aan de Dalai Lama. Voor hem geldt slechts een regel voor leiderschap: vriendelijkheid. Er bestaat geen twijfel over de kracht van zijn vriendelijke uitstraling. Mensen reageren. De motivatie om met meer levenskracht, passie en commitment te leven neemt onmiddellijk toe bij vrijwel iedereen die de Dalai Lama hoort spreken. Heb je de Dalai Lama wel eens horen lachen? Zijn lach doet iets met ons, in positieve zin. Ja, vriendelijkheid is overduidelijk een motiverende kracht. Het is de kern van leiderschap.

Het ‘kind’ in ons

Fascinerend, het zit in zelfs onze taal. De etymologische oorsprong van het Engelse woord ‘kind’ verwijst naar aard, van de aard, en de oude afleiding gecynde, of ‘aardig’. Het betekent ook van nature, het wijst dus op een natuurlijke orde, een aangeboren karakteristiek, afstamming, waar je vandaan komt. Dus aardigheid en vriendelijkheid behoren al sinds het begin van onze evolutie tot de bronnen van ons mens zijn. Vriendelijkheid veranderde geïsoleerd leven in samenwerkende gemeenschappen, een verandering die de kansen voor de menselijk soort om te overleven enorm vergroot. Ons leven bestaat omdat vriendelijkheid bestaat. Alles wat wij proberen en wat wij voorstaan., dat is het leven. Het Nederlands / Germaanse woord ‘kind’, in de betekenis van jong mens, roept onmiddellijk associaties op met onschuld, spelen, plezier. Het is dezelfde etymologische bron.
Uit allerlei onderzoeken blijkt dat een gevoel van welbehagen, autonomie, meesterschap en zingeving in het dagelijks werk veel belangrijker is voor werknemers dan materiële beloning of bedreiging. “Leader kindness and generosity are strong predictors of team and organizational effectiveness,” schrijft Harvard Business Review in een samenvatting van Adam Grant’s boek Give and Take. “Leaders are key to kindness in the workplace,” schreef de Chicago Tribune het afgelopen jaar.
Laten we het ook eens van een andere kant bekijken. Wanneer er géén vriendelijkheid tussen mensen is, lijden mensen. Zijn mensen ons ooit beter gaan behandelen nadat / omdat we onze vriendelijkheid hebben laten varen?
Als het zo logisch is, waarom zijn leiders dan niet altijd vriendelijk ? Vriendelijk zijn vraagt vertrouwen. Het lijkt erop dar er een noodlottig misverstand bestaat waardoor vriendelijkheid wordt verward met slappe knieën. Adam Phillips gaat hier in zijn boek ‘On Kindness’ dieper op in. We zijn bang dat vriendelijkheid tot besluiteloosheid leidt en dat de ander ons niet serieus neemt en misbruik van ons maakt. Vriendelijkheid, of we het nu geven of ontvangen, kan zelfs gevoelens van schaamte oproepen. Het maakt je immers kwetsbaar en afhankelijk En, het allerbelangrijkste: We weten amper hoe we echt vriendelijk kunnen zijn voor onszelf, laat staan voor een ander.

Zelfs nadenken over vriendelijkheid helpt al.

Dus, overweeg het, de mogelijkheid om vriendelijk te zijn. Zelfs er over nadenken helpt al. Overweeg de mogelijkheid dat we altijd resultaten krijgen wanneer we er voor kiezen om allereerst vriendelijk te zijn. Hoe ziet dit er in de praktijk uit? Voor mij betekent het dat ik moet beginnen met vriendelijkheid, mildheid naar mezelf. Dat is nog best moeilijk, maar als ik mezelf niet vriendelijk tegemoet treed, hoe kan ik dan vriendelijk zijn naar een ander? Het betekent mezelf aanvaarden in alles wat ik wel en niet ben, mijn eigen vooronderstellingen, aannames en daden onderzoeken zonder oordeel, zo objectief mogelijk – vanuit een vriendelijk en welwillend bewustzijn. Want vanuit mijn vriendelijk aanwezig zijn, mild en vol begrip, kan ik verder en verder om mij heen kijken en zien wat vriendelijkheid in mijn directe omgeving doet. Ik kan aandacht geven, zorgzaam zijn en mensen misschien helpen, ik kan vragen stellen vanuit dit uitgangspunt. Zorgzaamheid voor mezelf en voor anderen, voor de mensen om mij heen, voor de mensen met wie ik werk. Ik kan empathie, steun, en bemoediging bieden. Een situatie kan misschien niet goed zijn, de mensen in die situatie, zijn altijd, altijd, altijd heel. Ik wéét dit vanuit en in deze open, wijde ruimte van vriendelijkheid.
We kennen het hele verhaal nooit. Maar we kunnen belangstellend zijn en de situatie vanuit betrokkenheid onderzoeken. We kunnen dit doen vanuit een niet vooringenomen, open helderheid. We kunnen luisteren. We kunnen meerdere perspectieven omhelzen. We kunnen onszelf vragen, hoe zien andere mensen ons? Hoe zouden onze werknemers ons zien? Vriendelijkheid is waarheid en volledige aanwezigheid. Het is liefderijke zorgzaamheid. Het is een vaardigheid die bij ons zelf begint. Gemakkelijk? Ja en nee. Overweeg om vriendelijk te zijn en het wordt gemakkelijker. Je ademhaling, bewust waargenomen vanuit vriendelijkheid is een onmiddellijk en krachtig begin. Altijd weer.
Je kunt het ook als volgt zien: We kunnen vriendelijkheid verwerpen, maar vriendelijkheid verwerpt ons nooit. Vriendelijkheid is onze kinderlijke, oorspronkelijke aard, het is wie we zijn, sterk en veerkrachtig. Nu of later, vriendelijkheid is de weg die we moeten volgen, dus we kunnen die weg net zo goed nu gaan volgen. Het is de enige weg naar blijvend succes. Hoe bevrijdend is het, wanneer je je dit realiseert.

En hier is Kurt Vonnegut: ’Hallo, baby’s. Welkom op Aarde. Het is er heet in de zomer en koud in de winter. Ze is rond en nat en overbevolkt. Met wat geluk, baby’s, hebben jullie hier honderd jaar. Er is maar één regel die ik ken, baby’s – „Verdomme, je moet aardig zijn.’
(Uit God Bless You, Mr. Rosewater, 1965.)
________________________________________

Een grote spreker

Daar werd wat groots verricht, zo heet de voorstelling die Diederik van Vleuten gaf over het levensverhaal van zijn Nederlands-Indonesische oom Jan. Ik zag het programma op de tv. Wat knap, wat mooi gedaan. Wat een spreker. Anderhalf uur achter elkaar praat Diederik, een enkel liedje achter de piano, even een adempauze. Over het einde van de suikerfabriek, het einde van het koloniale tijdperk, over de tweede wereldoorlog in Indië, over het Jappenkamp en de terugkeer naar Nederland. Over de pijn en het onbegrip. Een ontroerend verhaal, helaas kan ik u geen link geven.

Maar waarom was het zo goed? Allereerst omdat het een enorme inhoud had, echt was, persoonlijk, vol authentieke details. Kortom, Diederik had een indrukwekkend verhaal, gebaseerd op honderden brieven. Vervolgens werd dit verhaal gebracht door een extreem goede professional. Tot in detail uitgewerkt, doorgewerkt, gerepeteerd, met een gelouterde regisseur (Berend Boudewijn).

Is een dergelijk niveau ook voor u weggelegd? Jazeker, maar u moet wel flink oefenen.

Onlangs kwam er een respectabele oudere bankbestuurder zijn verhaal repeteren. Hij was gevraagd om te spreken op de begrafenis van een vriend en vakgenoot. Deed hij dat wel waardig genoeg? Had de weduwe er iets aan, zou het publiek het begrijpen? Hij had zijn verhaal al opgeschreven en uitgetypt. En hij wilde het echt leren, ja zoals Diederik van Vleuten. Zorgvuldig, niet te zwaar, niet te licht, persoonlijk, treffend, met de juiste details. Die stonden nog nauwelijks in zijn tekst maar bij de koffie zat hij vol verhalen over zijn vriend, met wie hij twaalf jaar over de wereld had gevlogen. Zijn getypte tekst was erg voorzichtig, miste details en kleur. Als bestuurder was hij getraind in grote lijnen en diplomatieke formuleringen. Maar dan mis je de mens, je mist de vonk, dan heb je jargondeskundigen nodig om het goed te begrijpen. Uiteindelijk bleek zijn vriend met een enorme inzet en idealisme een fantastische organisatie te hebben gebouwd. Het ging over groot geld, maar vooral ook over werkgelegenheid scheppen en kansen creëren in een ontwikkelingsland. Ze hadden voor honderden banen gezorgd en duizenden boeren konden goede en betaalbare spullen kopen.

Na een paar keer hardop stukken tekst te hebben doorgenomen plus de verhalen bij de koffie plus nog wat oefeningen ging het al een stuk beter. We oefenden bovendien nog wat met het gebruik van stilte. Het werd persoonlijker, hij leerde op te kijken van zijn papieren. ‘Nu uit je hoofd!’ ‘Onmogelijk’, zei de man. ‘Toch proberen,’ stelde ik voor. Het lukte.

Wat hielp hem? Hij zag de beelden voor zich, de momenten die typerend waren, de plaatsen, de gebeurtenissen. Die kon hij nu beschrijven en hij durfde na te denken, zodat hij een bruggetje kon vinden naar het volgende beeld. Thuis heeft hij ook nog gerepeteerd met zijn vrouw als publiek. Op de begrafenis lagen zijn papieren op het katheder, voor een gevoel van veiligheid. Hij heeft er een enkele blik op geworpen, maar eigenlijk had hij ze niet meer nodig.

 

 

Als presentator ben je ook journalist

Journalistiek en presenteren, de overeenkomsten

Een journalist presenteert een verhaal. U ook?

Het verschil is niet zo groot. Een journalist moet er voor zorgen dat zijn of haar verhaal goed overkomt. Net als u. Eerst even een definitie:

“Journalistiek is het deskundig doorgeven van relevante informatie in een delicate balans tussen feiten en belangen.”

Kort door de bocht is goed presenteren wel ongeveer hetzelfde. Vooral die ‘delicate balans tussen feiten en belangen’ is interessant. En hier ook open over zijn.

Iedereen die berichten via Facebook of Twitter de wereld in stuurt, die is een soort van journalist. Ooit ben ik opgeleid als journalist. Het is een vak met spelregels. Het zijn er maar een paar en ik deel ze graag met alle presentatoren van vandaag.

De spelregels

1 Feiten scheiden van fictie, emoties en meningen.

Wat staat vast, wat zijn de speculaties? Wat denkt u. Een journalist schuwt de persoonlijke noot niet, maar probeert tegelijk het verhaal te onderbouwen.

2 Hoor en wederhoor.

Niet zomaar een verhaal toeteren, maar het zorgvuldig van alle kanten onderzoeken, Een verhaal heeft vaak meerdere kanten. Bij voorkeur komen ze allemaal aan bod. Het leidt tot genuanceerde verhalen en meer vertrouwen in de zender.

3 Het verhaal herkenbaar maken.

Voorbeelden, illustraties, ervaringen, herkenbare verhalen uit de praktijk en geen abstracties. Zo concreet mogelijk. Wij moeten het voor ons zien, anders gaan we zelf invullen en fantaseren.

4 Respect voor je bronnen, je lezers en je onderwerp.

Als je het over iemand hebt, doe het dan zorgvuldig vanuit de simpele regel: wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet.

5 Transparantie.

Laat zien hoe je aan de info komt, wie je bronnen zijn, check ze. Ga niet anoniem te werk, maar bescherm je bronnen ook.

6 Wie, wat, waar, wanneer, waarom, hoe en waartoe.

De basisvragen uit de journalistiek, wie, wat, waar, wanneer, waarom, hoe en waartoe. Heel goed als al deze vragen in een presentatie aan bod komen.

 7 Luisteren.

Luisteren is nr 1 en nr 2 tot en met 8. Hier gaat het om. Een goede presentator en een goede journalist, ze kunnen allereerst goed luisteren. Je hoort  / ontdekt hierdoor waar het over gaat en je ontdekt wat je publiek nodig heeft. Zo kun je een goede bijdrage leveren.

Succes,

Roeland Schweitzer.

Complexe wereld

Eenvoudige oplossing

De merel horen

 

 (haiku, 5, 7, 5 lettergrepen)

Beter presenteren

De vijf minuten presentatie

Wilt u even in vijf minuten iets uit leggen?
En wel nu, of over een paar minuten, voor een zaaltje vol mensen.
Of: ‘We lopen wat uit de tijd’, zodat u opeens slechts vijf minuten krijgt voor uw zorgvuldig voorbereide presentatie.
Kunt u dit dan zonder al te veel stress? Geweldig, veel succes.
Vindt u dit lastig? Dan heb ik wat tips voor u.

Allereerst zijn vijf spannende minuten fijner dan een half uur langdradigheid.
De meeste presentaties zijn drie keer te lang.
Presenteer spontaan, uit je hoofd en toch goed voorbereid. De saaiheid verdwijnt en de essentie blijft over.

Supersnelle voorbereiding van je presentatie

Maak een mindmap over uw onderwerp. Op een liggend A4tje schrijft u in het midden uw kernboodschap, daaromheen wat er allemaal van belang is. Denk aan: Probleem, analyse, oplossing, of verleden, heden, toekomst. Ook relevant de gouden cirkel van Simek: centraal staat het waarom van uw verhaal en de kernboodschap, dan volgt het ‘wat’ dan precies en tot slot legt u uit ‘hoe’ dat gaat gebeuren. Een mindmap maken kost u een paar minuten. Het is de roadmap voor uw presentatie. Alsu de tijd heeft, maak dan los van elkaar twee of desnoods drie mindmaps, die bij inspectie ongeveer gelijk zijn. Inhoudelijk zit het dan prima in uw hoofd en bent u klaar! Zijn de mindmaps verschillend, dan moet u aan het werk en uitzoeken wat u wilt.

Lichaamstaal, intentie, inhoud oftewel pathos, ethos, logos

Presentaties moeten inhoudelijk kloppen, logos. Ze moeten fysiek sprankelen (lichaamstaal / pathos) en mentaal moet het deugen (intentie / ethos). Waar ben je / is jouw organisatie eigenlijk mee bezig?Zoek voordat je begint een moment van focus. Even uit het sociale gedoe, even je aandacht naar je lichaam. Hoe sta of zit ik? Ontspannen? Hoe is het met je ademhaling? Laag ademhalen. Het helpt als je nog even wat koud water op je gezicht sprenkelt of een slokje water drinkt.

Begin je presentatie eerst met aandacht voor de sfeer. Een anekdote, een grapje, een ijsbreker. Begin positief, bijvoorbeeld met het woordje ‘Ja’. We gaan pas luisteren als het veilig en vertrouwd is, anders wil iedereen liever weg. De sfeer moet bovendien verwachtingsvol zijn: ‘Ik ga iets vertellen, waar we veel aan hebben.’ Hierna is de eenvoudigste route: kernboodschap, toelichting / uitleg, kernboodschap. Denk aan uw mindmap. Begin met je kernboodschap en eindig ermee. Zie presentatiemodellen.

Het kan ook meteen interactief: Kernboodschap gevolgd door een vraag- en antwoordsessie. Als het goed is komt de waarom-vraag dan ook langs. Daarna volgen automatisch de wat en hoe vragen. Interactief zo veel mogelijk. Stel vragen, laat vragen stellen. ‘Dit is mijn kernboodschap. Wat vinden jullie, wat is jullie ervaring?’ Open vragen.

Kernboodschap, uitleg, kernboodschap

Het is je taak als spreker om je publiek naar een betere plek te brengen. Die plek moet dus wel goed zichtbaar worden. Vertrekpunt, bestemming en de route er naar toe.

Iedere presentatie bevat een paar fases.
Kennismaking, spelregels. Vertrouwen ontwikkelen, samen op reis, even samen dollen, aankomen op de bestemming en afscheid nemen.

Je kunt het leren, presenteren

De missie van Speechen.nl is heel simpel. Iedereen goed leren presenteren, zodat mensen en ideeën hierdoor beter uit de verf komen. Daar worden we allemaal rijker van.
Onze kernboodschap hierbij is: echt je kunt het prima leren, presenteren.

Beeldend vertellen waardoor je verhaal zichtbaar wordt. Voorbeelden geven.Aarden, stevig staan, in het midden, Letterlijk met je voeten op de vloer, gegrond. Voel je voeten en je tenen. Presenteer vanuit je lijf, vanuit je hart. Dan gaan we van je houden. Begrippen laden met gevoel. Beter presenteren.

Lees: hoe ga je staan?

Heb je opeens maar vijf minuten, vergeet dan je sheets en je filmpjes. Dat kost tijd, heeft technische risico’s en leidt af, zoek een moment om je te concentreren, ga op de goede plek staan, in het midden, wacht tot het stil wordt en breek dan het ijs om vervolgens via je kernboodschap, wat uitleg en als afsluiting nog een keer je kernboodschap binnen vijf minuten het applaus van je publiek te mogen ontvangen.

In het woord presenteren zit ook het cadeau, present.

Geef je presentatie vleugels.

Goed presenteren is een soort van vliegen en jij bent de piloot.
Je publiek zijn je passagiers.
Je presentatie is de vlucht en je verhaal komt los van de grond.
Je biedt je passagiers een geweldig uitzicht en een fantastische service.
Met een perfecte landing breng je passagiers en bemanning veilig naar de gewenste bestemming.

Om te vliegen heb je vleugels nodig.
Hoe geef je vleugels aan je presentatie?

Begin je presentatie bijzonder. Met een anekdote, een pareltje, een gedicht.
Luister heel goed, naar jezelf en naar je publiek.
Speel met de stilte.
Vertrouw op je intuïtie.
Spreek dansend positief.
Vermijd cynisme, sarcasme of oordeel over anderen.
Hou het heel dicht bij jezelf.
Bied hoop.
Buig diep. Wees dienend.
Open je armen met de binnenkant van je handen omhoog, of het vleugels zijn.
Voel wat er gebeurt.
Laat het leven toe.

Mooi woord presenteren, present zijn, aanwezig zijn, een cadeau geven, het zit er allemaal in.
En nog iets, je moet oefenen, vlieguren maken om goed te kunnen vliegen.
Je moet ook leren hoe dat moet. Op een vliegschool waar je veilig kunt oefenen.
Van onhandig, onbewust, onbekwaam naar liefdevol, deskundig en betrokken.

Succes.

Geef je standpunten een duidelijke plek op het podium

Het Cavia-moment.

Wel of geen cavia?

Wij mensen hebben een plek nodig. Alle dingen hebben een plek nodig. Echt alles en iedereen heeft een plek nodig. Met dit gegeven kun je iets in een presentatie. De zaken waarover je het hebt, kun je een plek geven op het podium. We oefenen dit tijdens de trainingen. Ga in het midden staan en geef de verschillende mogelijkheden links en rechts van je een plek. Als je het erover hebt, ga je ook op de juiste plek staan.Duidelijk voor publiek én spreker.

Simpel voorbeeld: Gaan we op vakantie naar Frankrijk of Zweden. Links wijs je aan is Frankrijk en rechts is Zweden. Als je het over de goede Franse wijn hebt, ga je links staan. De voordelen van Zweden benoem je terwijl je rechts op de plek van Zweden staat.

Deze techniek werkt geweldig. Voor jezelf en voor je publiek. Mensen gaan naar links wijzen als ze het over Frankrijk hebben.

Een deelnemer vroeg zich af of ze haar zoontje Joost een cavia zou geven. De aaibaarheidsfactor van een goudvis was te klein en een hond, wie ging daar drie maal daags mee wandelen? Dus een cavia, of toch maar niet? Terwijl ze midden voor het publiek stond, stelde ze de vraag. Rechts van haar werd de plek voor geen cavia, links de plek voor wel een cavia. Ze wees er naar, liep een paar keer tussen beide plekken op en neer en bleef er telkens even staan. Wel een cavia; “ja dat zou Joost fijn vinden’. Ze liep vervolgens naar de plek van geen cavia: ‘Dat is minder gedoe, geen kooi schoon maken bijvoorbeeld.’ Wel een cavia: ‘het is misschien best gezellig, zo’n diertje, ja, die plek voelde beter.’ Ze liep weer naar de plek van geen cavia. ‘Zo’n beest gaat dood en dat geeft oneindig kinderleed.’ Terug naar de plek van wel een cavia. ‘Joost leert er ook van.’ Er verscheen een lach op haar gezicht: ‘Deze plek voelt veel beter, ik ga het doen.’

Het Cavia-moment, waarop je ontdekt welke plek beter voelt. Je onderzoekt het samen met je publiek, de zaal gaat meeleven. Je beweegt waardoor je je denken stimuleert, je haalt de verschillende mogelijkheden uit elkaar en het wordt steeds duidelijker. Je keuze wordt zichtbaar en voelbaar, voor zaal en spreker. Fantastische techniek. Al doende laadt je beide plekken met je beleving en met de argumenten voor of tegen. Door op die plekken hardop uit te spreken wat er allemaal meespeelt, voel je de verschillen en ontdek je de oplossing!

Eén keer toepassen en je begrijpt de kracht van deze presentatievorm. Hiermee kun je een dilemma samen met de zaal onderzoeken. Probeer het gerust of ervaar het op een training.

Bij de 11de druk  van ‘Presenteren is een feest’.

Het begon in 2003 als schriftje bij de trainingen en het werd in 2011 een echt boek: ‘Presenteren is een feest’. Goede recensies, mooi vormgegeven door Mechteld Ballintijn. 2000 exemplaar gedrukt en die raakten op. Dus hebben we dit najaar nog een keer zorgvuldig het boek geoptimaliseerd en vier jaar trainingservaring toegevoegd. Begin februari 2016 verscheen de elfde druk, weer 2000. Het is wat dikker, scherper, evenwichtiger. Het is ook iets duurder geworden, drukken, verzenden.

Toneelspeler Bente Jonker las voor haar opleiding beide versies kort achter elkaar. Ze schreef: ‘De nieuwe druk is nog rijker en spiritueler (zonder dat het zweverig wordt, versta me niet verkeerd!). Er zitten kleine subtiele aanvullingen in die het geheel ronder maken, dat is mooi!’

>>> Klik hier om Presenteren is een feest te bestellen >>>

Bestel%20het%20handboek%20%22presenteren%20is%20een%20feest%27.

Warme verhalendag

Een warm verhaal

Wat zou beter werken? Een warm verhaal, of een koud verhaal?
Een warm verhaal, denk ik.

Een warm verhaal gaat over mensen die dapper zijn,die samen iets proberen, die om elkaar geven, elkaar helpen. Een warm verhaal gaat over de magie van het leven, het inspireert en brengt energie. Ik dacht opeens weer aan deze ontroerende uitvoering van Stand by me. Typisch een warm verhaal. Emotievol, ontroerend.

Veel mensen vinden dat ze saaie zaken en cijfers moeten presenteren. Cijfers lijken niet zo snel ontroerend en warm. Dit filmpje over de kinderen die niet naar school gaan bewijst het tegendeel. Het raakt mij. Maar wat maakt dit Unesco filmpje warm? De muziek? De stem van de voice-over? De voelbare betrokkenheid? Dus cijfers en al het andere kun je ook warm maken. Overigens neemt het aantal kinderen dat niet naar school gaat helaas toe. 57 miljoen in 2013, 58 miljoen in 2014.

Mediafilosoof Marshall Mcluhan leerde ons indertijd over warme en koude media. Warme media met veel beleving of interactie zoals een presentatie, een telefoongesprek of de radio en koude media zoals televisie. “People don’t actually read newspapers. They step into them every morning like a hot bath.” We willen omhult worden met warme informatie. Liefdevol gebracht, zorgvuldig, afwisselend, levendig als het leven. Daarom is een goede presentatie een warm verhaal. Wat de inhoud ook is, het verhaal kan warm gebracht worden. Persoonlijk, betrokken, echt.
Saaie onderwerpen bestaan niet, alles komt ergens vandaan, achter alles zit een verhaal. Het gaat om je intentie, de menselijke maat, de schoonheid van de beelden en de klank. Concrete, menselijke beelden. Jij, op de trap met een kind naast je. Het licht kan bijzonder zijn, de compositie. De kleuren kunnen mooi samenvallen. Door dit alles ontstaat richting in het beeld. Een verhaal in de chaos. Geen data, maar data-inzicht. Iedere woord als opmaat voor alle woorden die volgen.

Deze prachtige voorjaarsdag is tatarata uitgeroepen tot rokjesdag, gemunt door Martin Bril. Als je de column van Martin Bril erop naleest is vrijdag wel iets te gemakkelijk, al té veel weekend / vrije tijd en té weinig een spannende sfeerverandering in de werkweek. Een warm verhaal heeft ook een element van moed en ontbering. Het leuke, en de kern, van Martin Bril’s warme column is de uitdrukking ‘als bij toverslag’. Niet de erotiek van blote vrouwenbenen, maar de magie van het gelijktijdige universele besef. Als bij toverslag vertellen wij allemaal opeens warme verhalen. Wow, warme verhalendag.

Ik wens u een warm weekend
Roeland Schweitzer.

 

 

 

 

Je presentatie, heel letterlijk.

Presenteer je presentatie met een presentje.

Presenteren komt van het Latijnse werkwoord praesentare: aanwezig zijn, laten zien, aanbieden. Wat laat je zien? Jezelf, je verhaal, je organisatie! Beeldend presenteren.

De praesens is de tegenwoordige tijd, je presentatie vindt plaats in het hier en nu. Jij dient present te zijn, aanwezig in het hier en nu. Dat lukt alleen als je oplet, luistert, contact hebt met je publiek. Het lukt niet als je aan het denken bent of druk bent met je sheets en beeldscherm.

Een militair roept: ‘presentéér geweer’. Het signaal dat de soldaten hun gereedschap / hun wapen duidelijk moeten laten zien. De soldaten gaan goed rechtop staan, lichaamstaal, ze hebben hun geweer en hun schoenen gepoetst en ze laten zien waarmee ze het doen. Zo werkt jouw presentatie ook. Je presenteert jezelf, je organisatie en je verhaal. Je straalt zo veel mogelijk vertrouwen uit en het ziet er zo goed mogelijk uit. Tegelijkertijd is het echt, dit is het, niet meer en niet minder.

Mooi is ook de betekenis van presentje, cadeautje. Wat heb jij aan Cadeau bij je voor je publiek? Wat kom je brengen? Wat geef je? Waarmee help je je publiek?  Zie intentie.

Dus als je een presentatie voorbereidt, denk dan na over de volgende vragen:
Hoe zorg je dat je aanwezig bent in het hier en nu ? Zie aarden.
Wat doe je om je ‘geweer’ goed te presenteren?
Welk bosje bloemen breng jij je toehoorders?
Wat is je kernboodschap?

Zie ook praktische tips voor je presentatie

Mijn cadeautje, Stilleven met bloemen, foto dd 27 okt:

Bij je presentatie moet je iets geven.

Op keukentafel
Bloemen in een beugelfles
Nog uit onze tuin.

 

 

 

 

 

 

 

Een goede presentatie is als een goed huis.

De woorden die je spreekt …

Wat een prachtige zin:
De woorden die je spreekt, zijn het huis waarin je woont.

De hele dag sturen we onze woorden in de ruimte om ons heen. In ieder gesprek, mailtje, presentatie. Samen vormen ze een bouwwerk, een geraamte, een huis met jezelf als middelpunt.
Een goede presentatie lijkt op een goed huis!

Een huis heeft een goed fundament, net als je presentatie. Een goed huis is stevig bovendien. Een goed huis is toegankelijk, het heeft deuren. Het is er mooi en gezellig. Het heeft ramen met uitzicht. Je voelt je er veilig. Allemaal eigenschappen van een goede presentatie.
Sommige bezoekers laat je het hele huis zien, anderen krijgen slechts een deel te zien. Maatwerk voor je publiek. Een huis heeft muren aan alle kanten. Woorden achter je, naar links en rechts, voor je. Voortdurend ben je ook aan het verbouwen, zeg je het net even anders. Voortschrijdend inzicht. Je hangt schilderijen in je huis. Anekdotes, verhalen, uitstapjes. Een goed huis zit logisch in elkaar, de plattegrond van je huis, de mindmap van je presentatie, de opbouw van je verhaal.

Een huis daar woon je in, het is een plek met emoties. Je kinderen groeien er op, je deelt er lief en leed, je eet en drinkt er, je geniet er, je speelt, je hebt er je laden en kasten, vuile was en schone was. Een huis ademt, net als een presentatie. Ja, een huis heeft alles wat een goed verhaal ook heeft.

De woorden die je spreekt, zijn echt het huis waarin je woont.
Wat een prachtige metafoor.

∆ geluk

Duurzaam presenteren?

Wat is dat nou, duurzaam presenteren?
Dat is zó presenteren dat er een duurzame relatie ontstaat tussen jou en je publiek. Je luisteraars willen graag met je in contact blijven, ze vergeten je verhaal niet. Jaren later krijg je nog reacties. Je draagt blijkbaar echt bij.

Ja dat kan jij ook, duurzaam communiceren en presenteren. Je kent ook heel veel voorbeelden. Alle mensen waar je nu blij om bent, leverden jou zulk soort presentaties. Hoe deden ze dat?
Door hun voorbeeldfunctie, moed, integriteit. Door lief voor je te zijn, door je te steunen terwijl je het niet verwachtte. Door je de kans te geven om stappen te maken. Door zelf kwetsbaar te zijn, zodat jij het ook kon zijn. Door hun intentie om je te helpen. Intentie.

We kennen nu nog honderden verhalen uit het oude Griekenland, uit de grote boeken als bijvoorbeeld de bijbel en de Koran. Nog steeds worden er stukken van Shakespeare gespeeld  Dus naast de voorbeelden uit je eigen leven zijn er ook talrijke universele voorbeelden.

Waaraan voldoen deze klassieke verhalen? Ze bevatten menselijke geschiedenissen over de zoektocht van de mens, met ethische dilemma’s en antwoorden op ethische problemen.
Zo’n fascinerend verhaal kun je zelf ook vinden door consequent naar het waarom te vragen.
Je verkoopt bijvoorbeeld koek. Waarom verkoop je eigenlijk koek? Zo kom je op de geschiedenis van de koek, indertijd bedacht wegens goede houdbaarheid, handige verplaatsbaarheid, goede voedingswaarde, betaalbare ingrediënten en eenvoudige bereidingswijze. Misschien gaf een wanhopige moeder nog snel een stevige koek mee aan haar kind dat werd meegesleurd in een oorlog. En haar kind overleefde de ellende! Wow, die koek wil ik ook.

De waarom-vraag geldt anno 2014 nog steeds. Waarom doe je wat je doet? Wat draagt het bij?

∆ geluk

Op een training was een elektrotechnicus. Opeens had hij het over ∆ geluk. Ik begreep hem eerst niet, ‘Gelukkig’ legde hij het uit. Het driehoekje is het wiskundige symbool Delta en staat voor de mate van verandering. Als je in een auto constant honderd kilometer per uur rijdt, dan merk je dat alleen als je door de ramen kijkt. Je voelt het niet. Maar zodra de auto van snelheid verandert, voel je het. Zo kun je van heel erg ongelukkig een fractie gelukkiger worden. Die verandering voel je, ∆ geluk. Waar je ook vandaan komt, waar je ook bent, je kunt voelen dat je verandert, de goede kant op, dat geeft een geluksgevoel of de verkeerde kant op, dat geeft onrust. Verhalen die hier over gaan, die onthouden we. De zoektocht van de mens. En hoe slecht de situatie ook is, de ∆ geluk kan aanzienlijk zijn!

Icarus die van was vleugels maakt en daarmee naar de hemel wil vliegen, totdat de was smelt en hij in zee stort. De vlucht van Icarus duurde kort, maar het verhaal is gebleven. Hemelvaart, ook al zo’n duurzaam verhaal. Waarom? Christus werd aan een kruis geslagen. Zijn aardse reis duurde kort, maar zijn verhaal leeft nog steeds. Waarom?
Die mooie bijbelspreuk: er resten ons geloof, hoop en liefde en van deze vooral de liefde.
Probeer maar. Over ∆ geluk gesprokenb.