Klank raakt diepe lagen van onszelf.

Interview met Marius Engelbrecht

Marius Engelbrecht

Marius Engelbrecht (1961) is een bijzondere coach op het gebied van persoonlijke ontwikkeling. Hij geeft vooral groepssessies, waarin hij de deelnemers hun eigen lied en klank laat ontdekken. Hij geeft avonden, workshops, weekenden en weken ‘stemexpressie’. Communiceren op basis van je klank. Honderden deelnemers hebben zich hierdoor kunnen ontwikkelen tot sterke en gelukkige mensen. Ik heb hier veel belangrijke lessen voor mijn presentatietrainingen aan aan te danken.

 

Marius Engelbrecht, uitvinder van een eigen tussentaal.

Marius Engelbrecht geniet landelijke bekendheid door zijn cursussen stemexpressie met titels als oerzang, je eigen lied en de helende stem. Dankzij Marius heb ik mijn klanktrainingen ontwikkeld.

Twee stoelen bij de grote ramen. Prachtig licht dat de verder lege ruimte vult, zoals ook vaak de klanken van de deelnemers aan zijn cursussen deze ruimte vullen. Marius zit tegenover mij, we drinken thee. Ooit was dit de toneelzaal van een Katholieke school aan het Haagse Westeinde. Nu is het een sfeervolle cursusruimte.

De trainingen stemexpressie vormen het levenswerk van Marius. Hij heeft hierin werelden bijeen gebracht. Van de Noord-Amerikaanse indianen uit zijn jeugd tot en met zijn kennis van psychologie, toneel en hypnotherapie.
De laatste jaren heeft hij ook een stuk of vijftig mensen opgeleid die zijn vorm van stemexpressie in hun eigen werk hebben opgenomen. Communicatiedeskundigen, psychologen, maatschappelijk werkers, coaches, activiteitenbegeleiders en fysiotherapeuten. Onder wie ik.
In essentie heeft Marius een manier gevonden om met klank bij diepe lagen van jezelf uit te komen. Tegelijkertijd gebeurt dit klinken samen met anderen, zodat er ook nog een collectieve ervaring ontstaat, waarbij de klanken samenvallen en één geheel worden. Dit wordt door deelnemers als indrukwekkend en ontroerend ervaren.

De onttovering van de waanzin, maar waar blijft de ziel?

Marius is ervaringsdeskundige. Als vierjarige bracht hij zijn eerste dagen op de kleuterschool huilend onder de tafel door. Daarbuiten was het veel te eng. ‘Is de eier al gaar?’ vroegen klasgenootjes pesterig. Dat deed zeer. Verlegen en stotterend belandde hij op de vrije lagere school in Den Haag. De mystieke Beatle, George Harrison, werd zijn eerste grote held. Popster wilde hij toen even worden, maar wel op zijn eigen zolderkamer. Op de middelbare school werd Marius een echte binnenvetter, te dik, geïsoleerd, behoorlijk afzijdig. Marius schreef en tekende zijn eigen droomwereld vol helden en indianen. Aan zijn afzijdigheid kwam direct na de middelbare school radicaal verandering. Met het geld dat hij als postbezorger in de Tweede Kamer had verdiend vertrok hij, samen met een vriend, naar de indianen in Mexico en Noord-Amerika. Toen moest er opeens wel met een wildvreemde buitenwereld gecommuniceerd en samengewerkt worden.

Na deze ontdekkingsreis ging hij geschiedenis studeren in Leiden, met als tweede vak psychologie. Vervolgens lijkt hij een andere kant op te gaan (hypnotherapie, stemexpressie), maar de interesse voor geschiedenis bleef.

Begin 2011 is hij zelfs alsnog gepromoveerd op de geschiedenis van de psychologie in de zeventiende eeuw. Die eeuw vormde een omslagpunt waarin het fundament voor de hedendaagse wetenschap is gelegd.

Het is de tijd van Spinoza en Descartes, de overgang van middeleeuwen en renaissance naar de verlichting. De magie van Jeroen Bosch werd vervangen door de anatomische les van Rembrandt. Wetenschappelijke inzichten over de bloedsomloop en een meetbare werkelijkheid wonnen het van de hekserij.

Eerder was alles wat men niet begreep een kwestie van hogere machten. Van God, of de duivel. Toen werd alles opeens meetbaar, maar sommige zaken zoals de ziel, daar wist men toch geen raad mee. Zo is het gebleven. Anno 2011, ruim 300 jaar later, speelt nog precies hetzelfde. Vakken als psychologie zijn vooral gebaseerd op onderzoeken waarin statistisch significante waarnemingen tot theorievorming leiden. Verschillen zijn meetbaar, maar de achterliggende principes blijven ongrijpbaar, zoals het zelf en de ziel.

Marius eindigt zijn proefschrift met een citaat van de filosoof en pedagoog Comenius (1592-1670) uit het slot van diens boek ‘Via Lucis’, de weg naar het licht. Wetenschap is geweldig, zegt Comenius, maar komt tot aan de drempel van de tempel. ‘Er moet verder gekeken worden!’ Marius pleit in zijn proefschrift voor een tussentaal, een taal tussen wetenschap en de wereld van de ziel. Met zijn stemexpressie heeft hij zelf zo’n tussentaal ontwikkeld, zijn eigen manier om verder te kijken.

Van politicus via Grotowski naar hypnotherapeut.

Marius startte zijn studie geschiedenis met het vage idee om politicus te worden. Maar de communicatieve vaardigheden ontbraken hem. Zijn eerste vriendin vroeg zich zelfs af hoe ze de communicatie met Marius überhaupt voor elkaar kon krijgen. Marius begrijpt dat hij er echt wat aan moet doen en hij vertrekt voor een workshop toneel naar Engeland. Daar komt hij in aanraking met de werkwijze van de Poolse toneelregisseur Jerzy Grotowski. Het maakt een enorme indruk. Grotowski richt zich op eerlijk en zuiver acteren door het opheffen van alle blokkades, zoals schaamte, ijdelheid en verlegenheid. De ‘Via Negativa’ van Grotowski leert je niets aan, maar leert je juist alle mooispelerij af. Wat overblijft, is de pure, echte mens. ‘Naar een sober theater’, zo heet het boek van Grotowski. Hier is ook Marius naar op zoek. Toneel wordt voor hem belangrijker dan zijn geschiedenisstudie en hij gaat ook regisseren en wordt dramadocent.

Rond zijn 25ste geeft het werk van Sigmund Freud zijn leven een beslissende wending. Marius komt erachter hoe hij zichzelf heeft opgesloten. Door zijn psychologiestudie worden mooie theorieën opeens werkelijkheid. Hij wordt een stuk opener en begint van het leven te genieten.
Maar nog steeds is er die ‘Sehnsucht’, zoals de Duitsers zo mooi kunnen zeggen, een verlangen naar meer diepgang, naar meer ziel. Marius blijft op zoek naar die ongrijpbare kern van ons menselijk zijn.

Ten slotte maakt hij zijn studie geschiedenis af en begint aan een opleiding tot hypnotherapeut. Hij leert er hoe je mensen door de juiste verbale communicatie en ontspanningsoefeningen in een lichte trance kunt brengen. Gecombineerd met zijn kennis van Grotowski en zijn ervaringen met klank bij de Noord-Amerikaanse indianen heeft Marius de ingrediënten bij elkaar voor zijn huidige stemexpressie-werk. Hij wil niet meer zomaar een toneelstuk opvoeren, maar zoekt naar een manier om het bewuste en het onbewuste beter met elkaar te verbinden. Hij wil middelen aanreiken om de ongekwetste oervorm te hervinden en te bevrijden. Hij wil groepen mensen bijeen brengen in een activiteit, waarbinnen dit mogelijk is, waarin deze staat van zijn ontstaat en enige tijd aanwezig blijft. Hij doet het met Grotowski-achtige oefeningen, met jabber-talk en met plastisch taalgebruik.
Door met de deelnemers spontane klankbeelden te maken, ontstaat het bevrijdende oergevoel waarnaar hij op zoek is.

Optimale ervaringsprogramma’s aanbieden, dat wordt nu zijn doel. Niet te veel gaan uitleggen, want dat is van bovenaf, dat werkt niet. Wel achteraf erover praten. Wat heb je meegemaakt? Hoe zitten wij eigenlijk in elkaar? Inzichtelijk maken waar je (kinder)ziel is ingedeukt en dan afscheid van die deuken nemen, als volwassene. Telkens weer ervaren waarvan je begint te stralen en waar je je zelf dicht houdt.

Stemexpressie, tussentaal tussen ziel en verstand.

Tijdens zijn opleiding tot hypnotherapeut ontdekte Marius dat die binnenwereld echt bereikbaar is, dat je je binnenwereld kunt voelen en dat je er in kunt reizen. Hij ontdekte ook dat zijn Grotowski-tijd en toneelworkshops van tien jaar eerder eigenlijk over hetzelfde gingen.
Hij begon lessen ‘stem en beweging’ te geven, om de verbinding tussen Grotowski en therapie te verkennen. Iedere keer merkte hij dat dit was wat hij wilde en het werd ook een succes. Hij begon weekenden stemexpressie te organiseren. En op een mooie avond hield het niet meer op. De deelnemers wilden maar doorgaan met klinken, de ene na de andere deelnemer kwam met een solo. Opeens had hij een grote bron te pakken en sindsdien gaat de ontwikkeling eigenlijk vanzelf. Vier verschillende stromen kwamen samen, therapie, klinken, stem en bewegen.

Marius beschikt over een breed theoretisch kader uit de psychologie. In de loop van zijn trainingen krijgen de deelnemers dit in kleine brokjes aangereikt. Hij werkt aan een boek over stemexpressie. Ook de foto’s van water in trilling van Alexander Lauterwasser en de ijskristallen van Masaru Emoto bieden een ingang naar zijn werk.

Opener en dichter bij jezelf.

Het resultaat van stemexpressie is voor de meeste deelnemers indrukwekkend. Je wordt duidelijker in wie je eigenlijk bent, je komt dichter bij jezelf.
Aan de ene kant, en zeker in het begin, moet je door je weerstand heen, je overgeven aan de klank en aan het moment. Spontaan leren klinken, zonder bekende rationele betekenis, zonder vastliggende melodie en zonder ritme of partituur.

Het vraagt moed. Volledig vrij klinken waar het moment je naar toe brengt. Zo af en toe lijkt het een onzinnige bezigheid, maar als je even doorzet, brengt het je naar vrijheid in je klank en in je gevoel. Honderden deelnemers hebben dit de afgelopen jaren ervaren.

Ergens rond 2006 begon Marius ook opleidingen te geven, trainingen van zo’n twintig dagen, over het jaar verspreid. De mensen die deze programma’s hebben gevolgd kunnen zelf cursussen stemexpressie geven en stemexpressie toepassen in hun eigen vakgebied. Marius wil met hen een netwerk vormen als een levend organisme met hoofd, hart, handen en vooral ook beide benen op de grond. Verwondering moet een deel van de basis zijn. De verwondering over de mogelijkheden, vanuit respect voor de ander. Zorgvuldig geformuleerd, zodat je niet over de grenzen van die ander heen gaat.

Hij heeft een duidelijke verklaring waarom zijn klankcommunicatie, juist zonder betekenisvolle woorden, zo succesvol is. Je bent uit de wereld van het denken en in die non-rationele omgeving is gemakkelijk vrijheid te vinden. Er ontstaat plezier en ruimte. Het lucht op en ontroert. Er stroomt ziel en bezieling in je klank in plaats van rationele beheersing. Spel in plaats van controle. Je komt dichter bij de oervormen van onze communicatie. De klank voordat er woorden waren. Het kind in je krijgt weer alle ruimte. Dat geeft kracht, je wordt er sterker van, want uiteindelijk kom je uit bij de bron van je levensvreugde. Als klein kind communiceer je met klank. Al snel komt de taal, maar de klank speelt onbewust nog steeds een doorslaggevende rol. Zonder taal ben je terug bij dit begin. Hoe klink je? Maar nu als volwassene. Marius heeft inderdaad een tussentaal ontwikkeld, een taal tussen ons innerlijk en ons verstand.

Februari 2011
© Roeland Schweitzer

Naar de site van Marius

Naar mijn stemexpressie-activiteiten